Jessie Bekkers van Rooij René Lolkema

Zorg naobij de buurt

Sensire, de grootste zorgorganisatie in Oost-Gelderland, biedt zorg aan ruim duizend bewoners en bijna vijfduizend wijkzorgcliënten. Karen Langevoort van HevoFame begeleidde de organisatie bij het ontwikkelen van een strategisch kernenplan.

Sensire: het strategisch kernenplan

“Sensire wil werken vanuit wat de samenleving nodig heeft”, vertelt Karen. “Een traditioneel huisvestingsplan past daar niet bij. We bedachten daarom het strategisch kernenplan: als er ergens een zorgvraag ontstaat, kijk je eerst wat er al in de buurt is. Soms bouw je vervolgens niks, soms wel.” 

Die nieuwe aanpak bracht interessante vraagstukken met zich mee. “Het beleid moet flexibel genoeg zijn om te kunnen aanpassen op de lokale situatie. Tegelijkertijd moet het voldoende houvast bieden. We moesten dus keuzes maken: hoe baken je af waarin je wel of niet investeert? Daarover voerden we verdiepende gesprekken. Zo kwamen we in drie intensieve sessies tot het kernenplan. Dat schrijft niet voor wat er komt, maar biedt Sensire de kaders om wendbaar in te spelen op de toekomst.”

Bestuurder Margje Mahler en clustermanager Nick Hagenbeek schuiven aan. We spreken hen over het strategisch kernenplan, een document dat veel meer is dan een vastgoedstrategie. Het markeert een omslag van stenen naar mensen, van plannen maken naar luisteren naar de gemeenschap. 

“Ons huisvestingsplan was aan vernieuwing toe”, vertelt Nick. “Al snel merkten we dat er iets anders nodig was. Om ons voor te bereiden op de toekomst moesten we verder kijken dan het vastgoed.” Margje knikt instemmend. Voor haar onderstreept het kernenplan dat Sensire durft te breken met oude gewoontes. “Hoe we het altijd deden, is niet per se hoe we het in de toekomst moeten doen”, zegt zij. “We begonnen ons steeds vaker af te vragen: is het eigenlijk niet vreemd hoe we dit aanpakken? Collega’s door de hele organisatie zeiden tegen elkaar: gek hè? Zou dit niet anders kunnen? Die vraag veranderde alles.”

Nick geeft een recent voorbeeld. “Er was een echtpaar op een van onze locaties, van wie de man dementie heeft. Geredeneerd vanuit ons zorgproces verplaatsten we hem van hun appartement naar de gesloten afdeling binnen hetzelfde gebouw. Hij zag opeens een ander team, kreeg ander eten, op andere tijden. Medisch gezien was dat misschien logisch, maar vanuit het leven van deze mensen niet. Deze meneer wilde terug naar zijn vrouw. Toen we dit voorbeeld in een overleg bespraken, werd het even stil. En daar kwam die vraag weer om de hoek: ‘Gek hè? Waarom doen we dit zo?’”​​​​​​​

Van vastgoed naar gemeenschap

Sensire onderging een omslag: van een organisatie die dacht in gebouwen en locaties, naar een organisatie die meebeweegt met de gemeenschappen waar zij actief is. Dat betekent concreet dat Sensire niet meer begint met de vraag: ‘Wat moeten we bouwen?’ maar met: ‘Wat is er allemaal al?’ en: ‘Wat is er nog nodig?’ “We kijken nu eerst naar de bestaande sociale infrastructuur in de buurten en kernen”, licht Margje toe. “Waar wonen de ouderen? Heeft het dorp of de buurt al een levendig buurthuis? Welke netwerken bestaan er? Vervolgens sluit de zorg aan op wat er is. Vastgoed wordt zo een middel dat we strategisch inzetten in plaats van een doel op zich.” Nick geeft een voorbeeld: “We kregen begin dit jaar eindelijk de vergunning voor een kleinschalige woon-zorgvoorziening in Doetinchem. Toch besloten we de stekker uit het plan te trekken. We denken dat het niet meer aansluit bij wat er nodig is in de Achterhoek.”

Af en toe puzzelen

Voor Nick was het een hele omschakeling, geeft hij toe. Als clustermanager huisvesting, facilitair en ICT was hij gewend dat vastgoed onder hem viel. “Nu werd het opeens een strategisch onderwerp waarbij de hele organisatie betrokken is”, vertelt hij. “Ik was gewend om vastgoedplannen met een kleine groep mensen in te vullen. Een bestuurder, een controller en ik namen daarover relatief snel een beslissing.” Nu zitten er soms meer dan twintig mensen in de zaal, van verpleegkundigen tot beleidsmedewerkers. “Dat is af en toe puzzelen”, zegt Nick, “maar het resultaat is wel waardevoller.” Margje is het daarmee eens: “Als bestuurder weet ik niet altijd wat het beste is voor bewoners. De wijkverpleegkundigen weten dat wel. Daarom is het zo belangrijk om hen te betrekken.”

Nick Hagenbeek
Vastgoed werd opeens iets
van de hele organisatie
Nick Hagenbeek

 

Dichterbij de mensen

Hoe verandert de rol van de zorgverlener in deze omslag? "We hebben veel dingen tot zorg gemaakt die dat eigenlijk niet zijn", legt Margje uit. "Als een buurvrouw helpt met medicijnen uit de strip drukken, is dat geen zorg. Maar als de wijkzorg dat doet, noemen we het opeens wel zo." Zorgprofessionals nemen volgens haar soms dingen over die eigenlijk bij het gewone leven horen. "Dat is niet meer houdbaar in de toekomst. Zorg moet aansluiten op het leven: op netwerken, voorzieningen en gewoontes die er al zijn. Die nieuwe kijk op zorg hebben we omschreven in ons programma ‘Naobij de buurt'. Daarmee organiseren we onze zorg opnieuw: dichter bij mensen en afgestemd op het dagelijks leven en wat echt belangrijk is.”

Kwaliteit van bestaan

De nieuwe koers vraagt om een andere manier van kijken naar kwaliteit. Daarbij helpt het Generiek Kompas ‘Samen werken aan kwaliteit van bestaan’. Margje was een van de grondleggers van dit nieuwe kader voor kwaliteitszorg. “In dat kader kijken zorgverleners naar wat voor iemand van betekenis is, ook heel kleine dingen. Dat betekent soms dat je afscheid neemt van ingesleten gewoontes.” Margje geeft een voorbeeld: “Stel: we hebben alle kastjes op slot gedaan voor de veiligheid van één bewoner, waardoor niemand meer bij de wijnglazen kan. Goed bedoeld voor die ene persoon, maar wat betekent dat voor alle anderen? Wijn drink je niet uit een beker, maar uit een mooi glas: dat kan ook belangrijk voor iemand zijn.”

Nick: “Wat is er nodig om goede zorg te leveren? Dat staat bij ons voorop. Vanuit het management kijken we daarbij naar alle perspectieven. Ook de financiële continuïteit speelt daarbij een rol.” Margje is daar duidelijk in: “Het is onze taak om te zorgen dat zorg toegankelijk blijft. We stappen nu uit onze comfort zone, dat kan ongemakkelijk zijn. Maar we geloven echt dat dit de juiste richting is. Zorg is niet wat wij brengen, maar wat mensen nodig hebben. Daar begint het mee.”

 

"Zorg moet aansluiten op
het leven: op wat er al is"
Margje Mahler

Meer weten?

Neem dan contact op met:

Bel me terug